18/01/2010

Mediterrane Middag – Macht en waarden in het Middellandse Zeegebied: Tijd voor een EU-Strategie

LES MIDIS DE LA MEDITERRANEE (12) – MEDITERRANE MIDDAGEN

Macht en waarden in het Middellandse Zeegebied: Tijd voor een EU-Strategie

met

Prof. Dr. Sven Biscop
Directeur, Veiligheid & Global Governance Programma, Egmont – Het Koninklijk Instituut voor Internationale Betrekkingen

Maandag 18 januari 2010

Georganiseerd door de Europese Beweging-België en MEDEA.

Rapport: Lin Vanwayenbergh

Inleiding en voorstelling van de spreker

door Charles-Ferdinand Nothomb, Erevoorzitter van de Europese Beweging-België

In het kader van de Mediterrane Middagen hebben we het genoegen om vandaag Prof. Sven Biscop te ontvangen. Prof. Biscop (°1976) is directeur van het Security and Global Governance – Programma van het Egmont Instituut,  het Koninklijk Instituut voor Internationale Betrekkingen (KIIB – IRRI), waar hij zich toespitst op het buitenlands, veiligheids-en defensiebeleid van de Europese Unie.

Prof. Biscop begon een studie politieke wetenschappen aan de Universiteit van Gent waar hij de prijs voor het beste proefschrift won voor zijn werk over het Europees veiligheids- en defensiebeleid. Hij behaalde zijn Ph.D. graad in Internationale Betrekkingen aan de Universiteit Gent (2002), waar hij nadien over de Europese veiligheid doceerde. Professor Biscop geeft ook college aan het Europacollege te Brugge. en was gastprofessor aan de Renmin Universiteit in Beijing en Carleton University in Ottawa.

Zijn recente onderzoek en publicaties zijn vooral gericht op de Europese veiligheidsstrategie, met volgende publicaties: Euro-Mediterranean Security: A Search for Partnership (Ashgate, 2003), The European Security Strategy – A Global Agenda for Positive Power (Ashgate, 2005) and The EU and the European Security Strategy – Forging a Global Europe (Routledge, 2007, co-edited with Jan Joel Andersson).

 

De Europese Veiligheidsstrategie

door Sven Biscop

In 2003 keurde de Europese Raad de Europese Veiligheidsstrategie (EVS) “Een veiliger Europa in een betere wereld” goed. Dit document bevat een theorie om ‘ons model van samenleving’ te exporteren naar andere landen en regio’s. Het is een positief document dat gericht is op het verwezenlijken van bepaalde doelstellingen, zonder daarbij echter de belangen van anderen uit het oog te verliezen.

Enkele centrale punten uit dit document:

1) Conflictpreventie. Europa probeert conflicten te voorkomen. Door VROEGER en BREDER op te treden probeert men gebieden en landen te stabiliseren en toekomstige conflicten te voorkomen.

2) Inclusieve aanpak. Conflictpreventie en stabilisering kunnen maar gebeuren als gekozen wordt voor een holistische en geïntegreerde aanpak, dwz. niet enkel werken aan de veiligheid strictu senso, maar ook de andere dimensies waarborgen en verzekeren: economische dimensie, politieke dimensie (democratie en mensenrechten), sociale dimensie (onderwijs, gezondheidszorg).

3) Multilaterale aanpak. In dialoog met andere partners.  In een rapport van 2008 werd deze Europese Veiligheidsstrategie (EVS) positief geëvalueerd en werd de theorie bevestigd. Maar toch zijn er problemen.

  • De methode botst soms met een kortetermijnstrategie.
  • Anderen exporteren hun model ook. Dus de beoogde landen kunnen a.h.w. gaan “shoppen” en kiezen welk model hen het beste lijkt. (bijv. Democratische Republiek Congo: Kabila krijgt van China 2 miljard euro en van België 50 miljoen euro. Dat maakt de hefboom van België/EU veel kleiner.)
  • Preventie werkt niet altijd. Wat doet de EU in geval van een conflict ? Ingrijpen of niet ?

DUS : De Europese Veiligheidsstrategie is geen slecht document maar zou aangevuld en geconcretiseerd moeten worden. Nu beschrijft het vooral een ruime, algemene strategie, HOE het moet gebeuren. Maar het zou ook moeten spreken over het WAAROM. Wat zijn onze belangen? Waarom doen we het? En het document zou ook een meer concrete aanpak moeten specifiëren.

Middellands Zeegebied

In het Middellands Zeegebied wordt dezelfde holistische aanpak gehanteerd. Maar er doen zich ook verschillende moeilijkheden voor:

  • Wat Europa aanbiedt is niet altijd wat deze landen het meeste interesseert.
  • Zelfs als er problemen zijn (bijv. bepaalde regimes die de mensenrechten niet respecteren) zetten we de partnerschappen voort–cfr. Tunesië. Europa is met andere woorden niet altijd consequent.
  • Autoritaire regimes. Zullen ze hun regime echt wisselen? Met wie moet Europa onderhandelen om dit te bekomen? Vaak zijn de hervormingsgezinde actoren veel toegankelijker en bereikbaarder maar hebben zij geen impact op het beleid.

Er bestaat een DILEMMA in het EU-beleid tussen

  • Democratisering (wat een proces op lange termijn is)
  • Stabilisering (wat eerder op korte termijn kan gerealiseerd worden)

Want:

  • Democratisering kan tijdelijk instabiliteit met zich meebrengen.
  • Democratisering is niet altijd met de partij die wij verkiezen (bv. Hamas in Palestina)
  • Democratisering: met welke instrumenten?
  • Democratisering: schaadt soms onze belangen. Beter gewoon stabilisering?

De EU overschat haar populariteit soms, vooral in het Middellands Zeegebied. Mensen geloven niet dat het ons oprecht over mensenrechten gaat. Ze zien de EU als een status-quo-actor die vooral ook eigen belangen nastreeft (energie, geld, …).

Daarom moet de EU het debat aangaan en meer daadkrachtig reageren op schendingen van de mensenrechten. Anders blijft de idee dat de EU niets doet.  De EU moet meer politieke moed aan de dag leggen en gemeenschappelijke belangen bepalen, samen met deze landen. Socialiseren door samenwerking. (bv. Samenwerken met de lokale politie)‘PROJECT vs PRAKTIJK’

Vragen/Antwoorden

 

Wat denkt u over de toetreding van Turkije tot de EU ? Wat zou dit betekenen voor Europa ?

Sven Biscop: De thema’s die in de discussies over Turkije worden aangehaald zijn meestal de verkeerde. Er worden veel gepraat over religie en de absorptiecapaciteit. Maar er wordt veel te weinig gesproken over de geopolitieke betekenis van de toetreding van Turkije. Plots zou de EU in het Midden Oosten liggen. Dit is een van dé belangrijkste gevolgen van een mogelijke toetreding. Persoonlijk denk ik niet dat de toetreding op dit moment een goed idee is. Het buitenlands beleid van de EU is nog niet genoeg geconsolideerd. Geopolitiek is de EU er nog niet klaar voor.

Maar hoe moet dit geconsolideerd buitenlands beleid van de EU dan bevorderd worden ? Wat verwacht u in dit kader van het Verdrag van Lissabon?

Sven Biscop: Het lijkt voor de EU soms eenvoudiger om troepen in te zetten dan om ergens politiek of diplomatisch te reageren. Dit is ironisch! De EU is veel te reactief en niet pro-actief. We wachten meestal op de VS en reageren veel te laat. Bv. Afghanistan: er zijn veel Europese troepen, maar de VS voert alle debatten. Wat betreft Lissabon, ben ik een optimist, maar ook een pragmatisch idealist. Er bestaan veel verwachtingen tegenover de hoge Vertegenwoordiger, Catherine Ashton. Deze functie zal een zekere dynamiek met de Raad teweeg brengen, en dit is heel belangrijk. Het zal zorgen voor minder afhankelijkheid van de individuele lidstaten. MAAR: welke prioriteiten zal Ashton stellen. Ze kan niet alles tegelijk doen.

In feite is het nabuurschapsbeleid niet in handen van Ashton, maar ligt die portefeuille bij de Commissaris van Uitbreiding en Nabuurschapsbeleid. Hoe zal dit in de praktijk verlopen? Wie is verantwoordelijk?

Sven Biscop: Dit zal de praktijk nog moeten uitwijzen. Er is alleszins meer samenhang nodig tussen de bevoegdheden van de verschillende commissarissen. Men moet proberen een zekere integratie te bewerkstelligen zodat we stilaan evolueren naar ééngemaakte diensten. Op die manier kan de EU daadkrachtiger reageren.Bijv. de BRIC-landen (Brazilië, Rusland, India en China): wie beslist hierover? Is het in handen van de commissaris van Handel, of eerder van Buitenlandse Zaken?

Uw discours is in overeenstemming met de traditionele opvatting over veiligheid. Maar wat volgens mij minstens even belangrijk is, is het model van economische ontwikkeling welke de landen van de Middellandse Zee zullen kiezen. Algerije heeft een overeenkomst met China ondertekend, want zij zijn minder veeleisend dan de EU. Zullen de landen van de regio zich concentreren op de betrekkingen met Europa of eerder met de rest van de wereld? Het project van de Unie voor het Middellandse Zeegebied maakt dat de EU gaat samenwerken met dictators die niet veel, maar toch enkele waarden met de EU delen. Europa en het Middellandse Zeegebied hebben mogelijk een gemeenschappelijke toekomst. De Mediterrane Unie is een geheel van projecten die tot doel hebben om uiteindelijk zoveel mogelijk Europese invloed in de regio te brengen. Maar vandaag de dag heeft de Unie een onzekere toekomst: de secretaris-generaal heeft geen statuut, en bovendien is er een gebrek aan financiële middelen.

Zal ons Euro-mediterraans partnerschap proberen te doen wat Henry  Guaino en Nicolas Sarkozy al planden, namelijk het creëren van solidariteit en economische convergentie om zo onze waarden door te drukken? Is dit wat we willen of laten we de regio meer en meer over aan de mondiale economie?.

Sven Biscop: Het is duidelijk dat de economie moet opgenomen worden in een globale visie over veiligheid. Hier heb ik me meer gericht op de algemene Europese strategie die werd ontwikkeld in de regio. Maar persoonlijk denk ik niet (of niet meer) dat de economie het kanaal kan zijn om onze normen en waarden te doen doorsijpelen in andere sectoren, waar er geen echte gemeenschappelijke belangen bestaan. De Unie voor het Middellands Zeegebied is een goed project, maar het is onvoldoende omdat het niet op gelijke manier wordt gedeeld door alle partners, met name door onze zuidelijke partners die er niet om hebben gevraagd.

De EU streeft stabiliteit en democratisering na. Maar wat stellen we vast? De waarden waarvoor de EU staat, zoals bijvoorbeeld de mensenrechten, komen in het buitenlands beleid nauwelijks aan bod. (bv. Egypte en Marokko). Het draait haast louter om economische verhoudingen. Hoe kunnen die waarden dan alsnog op geloofwaardige wijze worden overgebracht?

Sven Biscop: Niet alleen vinden deze landen de EU vaak niet legitiem. Vaak vinden ze ook onze waarden niet legitiem. Er bestaat een problematische verhouding tussen de retoriek en de praktijk. Misschien moet deze retoriek wat gedempt worden en moeten we in bepaalde concrete dossiers duidelijker en daadkrachtiger optreden.

De EU gebruikt twee maten en twee gewichten. Zo hebben we weinig kritiek op landen als Israël, terwijl we wél hard optreden tegen Syrië. Dit haalt de geloofwaardigheid ook naar beneden.

Sven Biscop: Inderdaad. Kijken we ook bijvoorbeeld naar UNIFIL, de vredestroepen in Libanon. Er bestaat een mismatch tussen de besluitvorming en de militaire actie. We verwachten politiek té veel van UNIFIL.

Er is een dialoog nodig en meer aanwezigheid bv. Op vlak van civil society, foundations, …

Sven Biscop. Dit is inderdaad zo vastgelegd in het derde luik van het partnerschap. De EU is echter te timide en treedt te braaf en weinig gecoördineerd op. De EU geeft wel geld, maar kapitaliseert de resultaten niet.

We krijgen vaak te maken met “double standards”. Er is soft en hard interest. Geen enkel land is louter geïnteresseerd in de soft interest. Dus moet men enig realisme aan de dag leggen als het om internationale betrekkingen gaat.

Sven Biscop: Ja maar het moet een combinatie van de twee zijn. Combineren van een verhaal van waarden met het nodige realisme van de internationale betrekkingen.

Voor meer informatie over de Mediterrane Middagen, gelieve contact op te nemen met:

EUROPESE BEWEGING-BELGIË

Contact: Lin Vanwayenbergh

Tel +32 2 231 06 22

Email : info@europese-beweging.be

www.europese-beweging.be

MEDEA

Contact :Nathalie Janne d’Othée

Tel : +32 2 231 13 00

Email : Medea@medea.be

www.medea.be