31/03/2014

Zal Egypte de tegenstellingen tussen islamisten en nationalisten overbruggen?

Door Geoffroy d’Aspremont

De situatie zoals deze zich de afgelopen week heeft afgespeeld in Egypte doet denken dat het transitieproces, waarin het land zich bevindt sinds 2011, afgelopen is. De militaire interimoverheid lijkt in feite terug te keren naar een beleid van willekeur en angst om zo elke contestatie van haar eigen autoriteit de kop in te drukken. In deze context gaat de economie zienderogen achteruit, waardoor het land nog meer risico loopt op polarisatie en geweld.

In Minîèh, in het centrum van het land, heeft een strafhof 529 personen die tot de Moslimbroeders behoren de doodstraf opgelegd omwille van de moord op een politieagent, moordpogingen en de aanval op een commissariaat in augustus 2013. Het proces heeft slechts twee dagen geduurd. Ook al heeft het Hof van Cassatie reeds aangegeven deze uitspraak te onderwerpen aan een onderzoek om te kijken of de rechtsbeginselen gerespecteerd zijn, kan men niet anders dan beschaamd zijn over de gang van zaken. Het is meer dan waarschijnlijk dat deze straffen niet uitgevoerd worden en dat het de overheid enkel te doen is om zij die het aandurven de legitimiteit van de huidige autoriteiten te bekritiseren, op hun beurt te intimideren. Het verhaal is nog niet ten einde, 683 personen, waaronder de voormalige leider van de Moslimbroeders Mohammed Badie, worden ook berecht in Minîèh voor gelijkaardige beschuldigingen.

Daarnaast zijn ook journalisten en bij uitbreiding alle personen die de regering bekritiseren een bijkomend doelwit. Meer dan 20 journalisten, waaronder correspondenten van Al Jazeera, de nieuwsketen van de emir van Qatar, die de Moslimbroeders ondersteunt, zijn aangehouden. Hierbij moeten we ook heel wat activisten rekenen die deelnamen aan de protesten op het Tahrirplein in 2011.

Het is in deze context van respressie dat generaal Abdelfattah Al-Sissi, het hoofd van de Egyptische regering sinds de afzetting van de verkozen president Mohamed Morsi in juli 2013, aangekondigd heeft dat hij aftreed als commandant en chef van het leger en als minister van Defensie, omwille van zijn kandidatuur bij de opkomende presidentsverkiezingen op 26 en 27 mei.

Het land kan dus met moeite de dodelijke strijd tussen Arabische nationalisten en islamisten stoppen, net zoals het geval is in andere landen. Net zoals bij de Moslimsbroeders het geval was kan het huidige regime haar beloftes van Egypte richting democratie te leiden, en dus de tegenstellingen verlaten, niet waarmaken. Het Egypte van de toekomst zal niet stabiel zijn indien de Moslimbroeders nog opgejaagd en verbannen worden. Hun gewicht en representativiteit in de Egyptische samenleving mogen niet ontkend worden.

Indien Egypte wil slagen in de transitie moet het, net als Tunesië, de belangrijkste politieke krachten samenbrengen, of ze nu nationalistisch, islamitisch of liberaal zijn, en moet elk kamp accepteren dat de andere het recht heeft op deelname op het politieke niveau. Een regime dat zegt de democratische transitie voor te bereiden moet ook een transitioneel judicieel systeem ondersteunen. Justitie mag niet gericht zijn op strafexpedities en mag niet afhankelijk zijn van het regime, ook niet om zogezegd de stabiliteit te bewaren.

Al-Sissi, bekend als een nederig man en groot bewonderaar van Nasser, kan eventueel de man zijn die de Egyptenaren verenigt. De laatste ontwikkelingen tonen daarentegen het omgekeerde aan. Hij wordt bewonderd door een groot deel van de Egyptenaren, maar is ook aartsvijand van de Moslimbroeders geworden, die hem steeds meer zien als een bloedlustige dictator. De repressie tegen het Moslimbroederschap heeft aan meer dan 1400 mensen het leven gekost sinds juli.

Door het verminderen van de polarisatie en het integreren van de Moslimbroeders in het politieke spel kan het geweld stoppen en kan een echt transitieregime plaatsnemen. De extreme kracht van de repressie ten opzichte van de oppositie, en in het bijzonder tegen de Moslimbroeders, en de grote rol die de militairen hierin zowel voor als na de verkiezingen spelen doet ons geloven dat een burgeroorlog in Egypte helaas niet uit te sluiten is, tot grote ergenis van zij die op het Tahrirplein streden voor meer waardigheid, meer sociale rechtvaardigheid en respect voor de mensenrechten. Kunnen deze mensen het opbrengen nogmaals te strijden tegen arbitraire en repressieve machthebbers?