27/05/2014

De memoires van de Rode Prins: een historisch maar persoonlijk getuigschrift van het hedendaagse Marokko

Door het MEDEA Instituut

Koning Mohamed heeft zeker en vast het nieuwe werk van zijn neef Prins Moulay Hicham « El Alaoui », die net is uitgekomen in Frankrijk, liggen op zijn bureau. « Dagboek van een verbannen prins, morgen Marokko »[1] is niet alleen waarschijnlijk een van de belangrijkste kritische werken over Marokko van de voorbije jaren, maar ook een overzicht van Marokko onder het Hassan II tijdperk. Tijdens de regeerperiode van Hassan II, verscheen het boek van Gilles Perrault « Onze vriend de koning » over de slechte verhoudingen tussen Frankrijk en de koning van Marokko. « Dagboek van een verbannen prins » is in dit opzicht eveneens een mijlpaal.

 De cover van « Dagboek van een verbannen prins » van Moulay Hicham El Aloui

Hoewel Marokko tijdens de laatste decennia naar een toenemende politieke transparantie evolueert en ongekende constitutionele vooruitgang heeft geboekt (vooral met de herziening van de grondwet in 2011), heeft iedereen nog het raden naar het beheer van het land en de zakelijke activiteiten van het Koninklijk Paleis. Het is moeilijk te achterhalen wat er daar dagelijks gebeurt en het werk van de Prins, derde in lijn voor de troonopvolging, licht een tipje van de sluier op over de geschiedenis van de « Makhzen » (de Marokkaanse staat) sinds Mohammed V tot het aantreden van zijn neef Mohamed VI met wie hij niet overeenkomt. Moulay Hicham, geboren in 1964 en sinds al sinds 1970 ondergedompeld in politiek beleid, heeft sindsdien afstand genomen van de Marokkaanse politiek van na de onafhankelijkheid. Eens hij zijn vader aan de kant heeft gezet en zijn studies in de Verenigde Staten kon verderzetten, werkt Moulay Hicham al snel een carrière uit als intellectueel en onderzoeker aan de universiteit van Stanford in Californië en publiceert verschillende artikels over de Arabische wereld en sociale wetenschappen. Hij richt zijn eigen stichting op en specialiseert zich verder in vernieuwbare energieën.

De toon van het boek is zeer bijzonder en schommelt tussen de beleefde ervaringen achter de schermen van de regering onder Hassan II (vanaf zijn aantreden tot aan zijn dood) gaande van de verschrikkelijke ‘loden jaren’, tot het historisch verbod voor zijn broer Moulay Abdallah(en daarmee ook voor zijn zoon Moulay Hicham) op koningschap. Ook schommelt hij tussen aantrekking en verwerping, afschuw en fascinatie, haat en liefde voor Hassan II en zijn opvolger Mohammed VI. Dit werk weerspiegeld niet enkel wraak en de psychologische oorlog en de broedermoord binnen een machtsbeluste familie, maar ook de tendensen tussen de interne modernisering, democratisering of conservatisme en de status quo. In zekere zin wordt het maatschappelijk debat rond politieke modernisering, die ongetwijfeld al meer dan 15 jaar gaande is in Marokko, weerspiegelt.

 © AP Photo/Azzouz Boukallouch, Koninklijk Paleis Marokko. Koning Mohammed VI begroet de menigte in Rabat in oktober 2012. 

De ondertitel « Morgen Marokko » is al een programma op zich. De prins legt uit:  het is geen absolute tegenstander van de monarchie noch een overtuigd republikein. Hij zegt zijn land te dienen en de Marokkanen te helpen zich te bevrijden van de Sjarief-monarchie en vooruit te gaan. Om te streven naar een betere toekomst, is het belangrijk een balans op te stellen van de recente geschiedenis en de fouten te erkennen. De schrijver vertelt over zijn jeugd in Rabat, in een paleis vol met geheimen, intriges en verraad, tot zijn vertrek naar de Verenigde Staten. Gaande van de (verdachte?) moord op Mohammed V en het verraad van de trouwe generaal Oufkir (die een poging heeft gepleegd om Hassan II te vermoorden en voorgesteld wordt als alcoholist) tot de verdwijning van Medhi Ben Barka in Parijs, onthult Moulay Hicham een post-onafhankelijke monarchie die zich tracht onafhankelijk en politiek te heropbouwen. Alvorens zijn neef aan te vallen, valt hij steeds terug op de persoonlijkheid van Hassan II die hij zowel eert als vreest « ik hou zeer veen van Hassan II maar ik ben van de officiële herinnering weggewist  [2]. Naar aanleiding daarvan, en ter nagedachtenis aan zijn vader die van de machtskringen werd verwijderd, pleit hij voor een rechtzetting van de geschiedenis. Marokkaanse historici zullen hier wellicht op een dag in slagen. De ‘loden jaren’ die het gevolg waren van een poging tot staatsgreep in 1971, zorgden voor 30 jaar van paranoia en een overbeveiliging. Hassan II is overal aanwezig en Moulay Abdahllah, de vader van de Rode Prins, is nergens te vinden. De zoon voelt zich, bij het zien van zijn vader die steeds meer en meer drinkt, schuldig. Het alcoholgebruik zorgt voor een levercirrose die hem later het leven zal kosten. Inmiddels kijkt Moulay Hicham machteloos toe naar de uitbarstingen van een « tiranniek » geworden koning en naar een inerte vader. « Ik zag hem als een zwakke man tegenover een sterke man ».

In 1974 maakt de monarchie zich zorgen om zowel de ultra-linkse bewegingen als om het leger. Naar aanleiding daarvan zet koning Hassan II aan tot de « Groene Mars » om het Spaanse deel van de Sahara te veroveren. « 350 000 personen trekken naar de woestijn om vreedzame manier de bezette gebieden te heroveren ». Het succes van deze actie herstelt het moreel van Hassan II die daardoor nog verder zinkt in een autoritair bestuur van het land. De erkenning van Polisario door de Afrikaanse Unie en de reacties van de nationale beweging, maken Hassan II woedend en als reactie versterkt hij het leger om zo de veiligheid van het hele land te waarborgen. Ondertussen rond Moulay Hassan zijn secundaire studies af aan het Amerikaans lyceum in Rabat en vertrekt hij naar de Verenigde Staten om verder te sturen wanneer de relaties tussen Hassan II en zijn broer verslechten. Hij wordt aanvaard in Princeton en zet door om daar te kunnen blijven en pleit dat zijn studies worden verzekerd door Rabat. Met zijn dood in 1983, zal Moulay Abdallah nooit een voorbeeld voor autoriteit geweest zijn voor zijn zoon. De greep op de overblijvende familieleden wordt versterkt: ze krijgen huisarrest. « Zonder banden met de buitenwereld, riskeren we verstikking in het Koninkrijk van Hassan II ».

De relaties binnenin de familie blijven nagenoeg onveranderd in een tijdspanne van 30 jaar, zelf na de dood van Hassan II. Moulay Hicham legt uit hoe deze politieke strijd eigenlijk ook een economische strijd was en hoe ze er alles aan deden om ervoor te zorgen dat de familie van de prins niet materieel onafhankelijk kon zijn.  Hassan II had zelfs na de dood van Moulay Abdallah een deel van de bezittingen in beslag genomen met het argument dat deze behoren dot de rijkdommen van het Paleis. De prioriteit van de Prins: financieel onafhankelijk worden om zo buiten de greep van Hassan II te geraken. Deze laatste ging zelf tot het terugroepen uit de Verenigde Staten van Moulay Hicham om terug te komen naar het Paleis. « We worden geterroriseerd door Hassan II. In die tijd was het een monster »[3]. De vernedering gaat zelf tot het betalen van een maandelijkse rente van 5000 dirham (ongeveer 500€). In 1985 behaald de Prins zijn diploma in politieke wetenschappen en de koning vertrouwt hem taken van vertegenwoordiging en informatie toe in het Midden-Oosten. Een manier om hem terug in toom te kunnen houden? De prins zal echter snel weer in ongenade vallen nadat hij niet naar een eerbetoon van Mohamed V, zijn grootvader is gegaan. Voor de prins is het een politiek evenement, voor de koning een religieus en familie gebeuren. Dit is het begin van het einde.

 

 

 

 

 

 

 

© Reuters. Koning Hassan II en zijn zoon Mohammed VI in het koninklijk paleis in Rabat op 3 maart.

 

Later drijven de spanningen op tussen Hassan II en Mohammed. De koning slaagt er maar niet in zijn enige opvolger te vormen met zijn idealen. In 1995 keert Moulay Hicham terug naar de Verenigde Staten waar hij in Stanford aan een doctoraat kan beginnen. Hassan II toont meer en meer tekenen van ziekten, het is het begin van de achteruitgang van zijn gezondheid. Vanaf zijn dood in 1999 begint een nieuw tijdperk van ingewikkelde relaties met een andere leider namelijk Mohamed VI. « Enkele uren na de dood van Hassan II waren we met een vijftigtal om de krachten van de natie te bundelen »[4]. Het moment is aangekomen voor Moulay Hicham om met zijn neef te discussiëren over zijn visie op de monarchie en de toekomst van het land. Hij haalt de rijkdom van het land, de rol van het leger, de nood aan democratie, enz aan. Deze onderhandelingen worden echter een mislukking, Mohammed VI heeft er geen oren naar.

In de praktijk beseft Mohammed VI wel al deze punten. Hij zal zorgen voor een grondige hervormingen in de familiewet, de grondwet en de status van de koning. Verandering heeft echter tijd nodig. Marokko heeft nood aan een grondige en duurzame socio-politieke verandering. De prins beseft deze vooruitgang maar ziet het eerder als een « marketingcampagne en een manier om zijn vader af te breken »[5]. De betrekkingen tussen Mohammed VI en Moulay Hicham verbeteren maar niet, het wordt zelf zo erg dat deze laatste verwikkeld geraakt in een affaire van valse anthrax. In de post-11 september context ligt dit onderwerp zeer gevoelig.  Moulay Hassan vertrekt, bedrukt over de verzoeningspolitiek, terug naar de Verenigde Staten, maar zegt zich gevolgd te voelen door de Makhzen, die hem zelf tot in de VS volgen met verschillende processen. Zijn diplomatieke status wordt door Mohammed VI ingetrokken. Tijdens zijn vakanties voelt hij zich gevolgd en slaagt hij er niet in om de erfenis van zijn vader te regelen. Hij verdiept zich in duurzame ontwikkeling en creëert de eerste ecologische stad van Marokko: Bab Zair.

Hoe zit het met politieke verandering? De prins staat kritisch tegenover de sociale politiek van de « koning der armen » en steunt in 2011 de beweging van 20 februari voor reële economische en sociale vooruitgang en een politieke vernieuwing van het koninkrijk. De voorbije tien jaren heeft Marokko ongeziene vooruitgang geboekt maar moet nog beter. Moulay Hicham is waarschijnlijk verdeeld tussen het steunen van populistische groepen die geprobeerd hebben het land in 2011 vooruit te brengen, en zijn koninklijke herkomst waar hij vandaag de dag helemaal verbannen van is. Zijn werk is een wisselwerking van politieke analyse en wrok. Zo bekritiseert hij de nieuwe grondwet (« die Mohammed VI misschien wel tijd zal doen winnen maar het land zal doen verliezen. ») en de nieuwe status van de koning, die, ook al is hij niet meer ‘heilig, nog steeds de politieke en religieuze leider is. Volgens hem « zijn we nog steeds in een monarchie die gebaseerd is op het goddelijk recht met een grondwet[6]. Volgens de prins zal, na 14 jaar dat de koning al aan de macht is, niets meer grondig zal veranderen. Hij zaait zelf dubbelzinnigheid over wie er nu echt het land bestuurd zonder het te hebben over de psychologie van de koning, zijn herhaalde afwezigheden van het koninkrijk en zelfs zijn gezondheid.


[1] Grasset, Parijs, 2014.

[2] P.41

[3] P. 131

[4] P. 216

[5] P. 228

[6] P. 352